Lilian Caris

is afgestudeerd als vertaler Duits. Nadat ze bij Harlequin (van de Bouquetreeks!) als vertaler Engels was aangenomen, kreeg ze, na de fusie met HarperCollins, van deze uitgeverij opdrachten voor vertalingen uit het Duits. Daaronder ook die van Am Ende bleiben die Zedern van Pierre Jarawan – De zoon van de verhalenverteller – zeer onverwachts door het boekenpanel van De Wereld Draait Door verkozen tot Boek van de Maand van januari 2017.

 

lees meer->

 

Van oorsprong ben ik Neerlandica, afgestudeerd in Moderne Letterkunde omdat ik dacht dat je daar in het onderwijs het meest aan had. Want ik wilde het onderwijs in, maar dat is anders gelopen. Ik kwam terecht bij Het Financieele Dagblad als correctrice, waar ik met een achttal collega’s de krantenberichten verbeterde en de pagina’s controleerde. Ook redigeerden we bijdragen van externe medewerkers, waar vaak het nodige aan te sleutelen viel. De kunstbijlage was daarbij favoriet. Een poging om na een postdoctorale cursus Recenseren van literatuur boekbesprekingen in het kunstkatern te laten opnemen, die ik dan natuurlijk wilde schrijven, strandde helaas. Ik bleek mijn tijd vooruit, want nu staan er ook recensies in.

De correctieafdeling werd opgeheven – de redacteuren werden geacht zelf ‘schoon’ te gaan schrijven (daar is men algauw van teruggekomen, maar dat ter zijde). In het outplacementtraject dat volgde, kreeg ik de gelegenheid de cursus Bureauredactie van de Vakopleiding Boekenbranche te gaan doen en sindsdien werkte ik als freelance redacteur, persklaarmaker en corrector.

Bij dat werk kwam ik veel slechte vertalingen uit het Duits tegen, die ook nog eens slecht persklaar gemaakt en gecorrigeerd waren. Ik dacht dat ik dat net zo goed, zo niet beter, zou kunnen. In mijn jeugd ging ik met mijn ouders in de zomervakantie bijna jaarlijks vier weken naar Duitsland of Oostenrijk, ik had een Oostenrijks correspondentievriendje, en tijdens mijn studie Nederlands las ik veel Duitse literatuur in de brontaal. Ook dacht ik dat mijn ervaring als persklaarmaker en corrector me voor veel fouten zou behoeden. Op een borrel bij Ambo|Anthos zei ik een keer dat ik graag uit het Duits wilde vertalen, wat leidde tot de opdracht voor het vertalen van Melissa Müllers literaire biografie Ein Garten Eden inmitten der Hölle. Dat is in het Nederlands verschenen als Etudes van Troost. Vanwege tijdsdruk werd het een co-vertaling, waarbij ik de eindredactie verzorgde. Een aanvraag bij het Letterenfonds voor een aanmoedigingsbeurs werd helaas afgewezen, reden om te gaan zoeken naar een deeltijdopleiding om me verder in het vertalen van literatuur te bekwamen.

Zo kwam ik bij de VertalersVakschool terecht. Oorspronkelijk wilde ik Engels gaan doen – ik had ook al een aantal literaire vertalingen uit het Engels verzorgd, maar dat werd me afgeraden door Molly. Dus werd het Duits, en daar heb ik geen spijt van gekregen. We hadden een hechte groep. We komen ook nu nog – met aanwas van andere jaargangen – zo’n zes keer per jaar bij elkaar om in de Vertaalwerkplaats onze vaardigheden te blijven bijschaven, en als netwerk levert het soms ook opdrachten op.

Het was wel zwaar, naast het freelancewerk dat ik moest blijven doen om de kost te verdienen, maar het was zeer de moeite waard. Elke docent had weer een andere invalshoek en stijl, en stond open voor suggesties van de studenten, waardoor duidelijk werd dat er niet één beste vertaling was, maar dat het altijd nog beter  – of anders – kon. Voor de opdracht Vertaalkunde moest ik mijn roestige academische hersenen flink laten kraken, maar uiteindelijk leidde het tot een voldoening gevend resultaat.

Via Anne Folkertsma kreeg ik een herziening van een vertaling uit de jaren twintig van de vorige eeuw toegespeeld: De strijd om sergeant Grisja van Arnold Zweig. De opdracht was de vertaling te moderniseren, maar het kwam neer op hervertalen. Dat werd uiteindelijk een coproductie met Jantsje Post omdat het heel tijdrovend bleek en de deadline vaststond. Begin vorige eeuw heersten er heel andere opvattingen over vertalen dan tegenwoordig, en de stijl en inhoud van Zweig was behoorlijk geweld aangedaan. De samenwerking met Jantsje verliep heel plezierig.

Daarna vertaalde ik voornamelijk populaire fictie, wat ook leuk – en leerzaam – is. Na een stuk of drie vertalingen bleek dat je je als vertaler toch wel in een heel andere ‘modus’ bevindt dan als persklaarmaker of corrector. Omdat je zo dicht op de brontekst zit en je je de vreemde taal steeds meer eigen maakt, sluipen er toch ongewild germanismen en valse vrienden in je vertaling. En zoals bekend lees je over je eigen fouten heen. Kritische meelezers en oplettende persklaarmakers blijven dus van onschatbare waarde.

Nadat ik bij Harlequin (van de Bouquetreeks!) als vertaler Engels was aangenomen, kreeg ik, na de fusie met HarperCollins, van deze uitgeverij alleen nog maar opdrachten voor vertalingen uit het Duits. Daaronder ook die van Am Ende bleiben die Zedern van Pierre Jarawan – De zoon van de verhalenverteller – zeer onverwachts door het boekenpanel van De Wereld Draait Door verkozen tot Boek van de Maand van januari 2017. Nooit gedacht dat ik op mijn drieënzestigste nog carrière zou gaan maken als literair vertaler!

 

Februari 2017

Lilian Caris

Lilian caris