Duits

Sinds de oprichting van de school wordt Duits aangeboden als tweejarige opleiding. De groepen zijn meestal relatief klein, maar de betrokkenheid en inzet zijn enorm groot. In het literaire landschap nemen vertalingen uit het Duits een bijzondere plaats in. Er wordt vooral hoogliterair werk uitgegeven. Minder hoogwaardig werk wordt slechts sporadisch vertaald. Wel is er veel vraag naar uit het Duits vertaalde non-fictie. De laatste jaren is de Duitse literatuur in Nederland weer in opkomst, na een periode van geringere aandacht. De aanwezigheid van Nederland en Vlaanderen als Schwerpunkt op de Frankfurter Buchmesse 2016 zal daar ongetwijfeld aan hebben bijgedragen.

De docenten behoren tot de kopgroep van de literair vertalers Duits in Nederland en Vlaanderen: Elly Schippers, Ard Posthuma, Gerrit Bussink, José Rijnaarts, Els Snick, Wil Boesten en Robert Starke. Op de docentenpagina kun je nader kennismaken. Een aantal alumni van de opleiding Duits zijn inmiddels vaste waardes voor uitgevers. Anne Folkertsma, Jantsje Post, Luciënne Pruijs en Janneke Panders zijn bekende namen geworden.

Nadat de student in de korte cursus zijn talent heeft getoetst en de eindvertaling positief is beoordeeld, begint de tweejarige opleiding. Het eerste jaar bestaat uit intensieve werkgroepen in het prachtige gebouw van de Nieuwe School in Amsterdam. In het eerste trimester zijn er acht fysieke workshops. Het tweede en derde trimester bestaan uit telkens vijf fysieke workshops, aangevuld met gerichte lees- en schrijfopdrachten. Toegang tot het laatste jaar hangt af van de beoordeling van de eindvertaling.

Elk trimester krijg je te maken met een andere docent, die een eigen vertaalpoëtica meebrengt. In de werkgroepen polijst je je vertaaltalent in nauwe samenwerking met die docent, maar ook met je medecursisten. Je legt je werk aan hen voor en leert kritiek positief te verwerken. De Vertalersvakschool kiest ervoor met kleine groepen te werken, om de onderlinge samenwerking te stimuleren en om je voldoende ruimte te geven je eigen werk te belichten. Per week vertaal je tussen de 500 en 1000 woorden en ben je ongeveer vijftien uur met vertalen bezig. Naast de workshops zijn er online mini-symposia. Tijdens de online mini-symposia wordt plenair gewerkt, met andere talen. Er zijn dan webinars en workshops over vertaaltheorie, verschillende literaire genres, stilistiek, het boekenvak of de financiële aspecten van het vertalen, altijd verzorgd door specialisten uit de praktijk.

In het tweede jaar wordt de focus op langere vertalingen gelegd. Dit vereist meer tijd tussen de workshops en een andere vorm van begeleiding. Dit laatste jaar van de opleiding bestaat daarom uit een mix van werkgroepen en mentoraat. In de eerste twee trimesters zijn er telkens vier fysieke workshops. Daarnaast krijgen alle studenten per trimester twee uur begeleiding via Zoom, waarin ze de docent vragen kunnen stellen en vertaalkwesties kunnen voorleggen.  Het derde trimester besteedt de student aan de eindvertaling. Er zijn twee fysieke ateliers in groep en voor elke student twee individuele online sessies met de begeleider van de eindvertaling. Studenten kiezen zelf de tekst voor de eindvertaling en sorteren dus voor op een mogelijk specialisme.
De kosten voor de opleiding bedragen 2750 euro per studiejaar. Dit is het bedrag voor 2020-2021.